Tekstverwerkingsfuncties van WriterTekstverwerkingsfuncties van Writer

OpenOffice.org Writer is een tekstverwerker met volledige functionaliteit en opmaakfuncties voor pagina's en tekst. De interface lijkt op die van andere veelgebruikte tekstverwerkingsprogramma's en bevat een aantal functies die gewoonlijk alleen aanwezig zijn in duurdere DTP-toepassingen.

In dit gedeelte worden een aantal belangrijke functies van Writer besproken. Voor meer informatie over deze functies en voor complete instructies bij Writer opent u de Help bij OpenOffice.org of een van de bronnen die worden vermeld in de paragraaf "Help en meer informatie vinden over OpenOffice.org".

[Note]Opmerking

Veel van de informatie in dit gedeelte is ook van toepassing op de andere OpenOffice.org-modules. De andere modules gebruiken stijlen bijvoorbeeld op nagenoeg dezelfde manier als Writer.

Een nieuw document makenEen nieuw document maken

Er zijn twee manieren om een document te maken:

Als u een geheel nieuw document wilt maken, klikt u op Bestand+Nieuw+Tekstdocument.

Als u een standaardopmaak en vooraf gedefinieerde elementen voor uw eigen documenten wilt gebruiken, kunt u een wizard proberen. Wizards zijn kleine hulpprogramma's waarmee u bepaalde belangrijke beslissingen kunt nemen en een kant-en-klaar document kunt maken op basis van een sjabloon. Als u bijvoorbeeld een zakelijke brief wilt maken, klikt u op Bestand+Assistenten+Brief. Met de dialoogvensters van de wizard kunt u snel een basisdocument maken met een standaardopmaak. In Figuur 3.2 ziet u een voorbeelddialoogvenster van een wizard.

Figuur 3.2. Een OpenOffice.org-wizard

Een OpenOffice.org-wizard

Typ de gewenste tekst in het documentvenster. Met de werkbalk Opmaak of het menu Opmaak kunt u de weergave van het document aanpassen. Gebruik het menu Bestand of de relevante knoppen op de werkbalk om het document af te drukken en op te slaan. Met de opties onder Invoegen voegt u extra onderdelen aan het document toe, zoals een tabel, een foto of een diagram.

Documenten delen met andere tekstverwerkersDocumenten delen met andere tekstverwerkers

U kunt in Writer documenten bewerken die zijn gemaakt in verschillende andere tekstverwerkers. U kunt bijvoorbeeld een Microsoft Word-document importeren, dit bewerken en opnieuw opslaan als een Word-document. De meeste Word-documenten kunnen zonder problemen in OpenOffice.org worden geïmporteerd. De opmaak, lettertypen en alle andere aspecten van het document blijven intact. Soms moeten zeer gecompliceerde documenten—zoals documenten met gecompliceerde tabellen, Word-macro's of ongebruikelijke lettertypen of een ongebruikelijke opmaak—enigszins bewerkt worden na de import. OpenOffice.org kan ook vele populaire bestandsindelingen van tekstverwerkers opslaan. Zo kunt u ook documenten die in OpenOffice.org zijn gemaakt en opgeslagen als Word-bestanden, probleemloos openen in Microsoft Word.

Als u dus OpenOffice.org gebruikt in een omgeving waar u vaak documenten deelt met Word-gebruikers, zou u weinig of geen problemen moeten ondervinden bij het uitwisselen van documentbestanden. Open de bestanden, bewerk ze en sla ze weer op als Word-bestanden.

Opmaken met stijlenOpmaken met stijlen

OpenOffice.org gebruikt stijlen voor het toepassen van een consistente opmaak op diverse elementen in een document. De volgende stijltypen zijn beschikbaar:

Tabel 3.4. Info over stijltypen

Stijltype

Functie

Alinea

Hiermee past u een gestandaardiseerde opmaak toe op de verschillen soorten alinea's in uw document. Pas bijvoorbeeld een alineastijl voor een koptekst op het hoogste niveau toe voor het instellen van het lettertype en de grootte, de afstand voor en na de kop, de plaats van de kop en andere opmaakspecificaties.

Teken

Hiermee past u een gestandaardiseerde opmaak toe voor tekst. Als u bijvoorbeeld benadrukte tekst cursief wilt weergeven, maakt u een stijl waarmee de geselecteerde tekst wordt gecursiveerd wanneer u de stijl daarop toepast.

Kader

Hiermee past u een gestandaardiseerde opmaak toe voor kaders. Als uw document bijvoorbeeld zijpanelen gebruikt, kunt u kaders maken met speciale illustraties, randen, locatie en andere opmaak zodat alle zijpanelen een consistent uiterlijk hebben.

Pagina

Hiermee past u een gestandaardiseerde opmaak toe voor elk type pagina. Als u bijvoorbeeld wilt dat elke pagina van het document met uitzondering van de eerste pagina een koptekst en een voettekst bevat, kunt u voor de eerste pagina een stijl gebruiken waarin de kop- en voetteksten zijn uitgeschakeld. U kunt ook afwijkende paginastijlen maken voor linker- en rechterpagina's zodat ze grotere marges hebben aan de binnenkant van de pagina's en de paginanummers in de buitenste hoek staan.

Lijst

Hiermee past u een gestandaardiseerde opmaak toe voor bepaalde lijsttypen. U kunt bijvoorbeeld een checklist maken met vierkante vakjes en een lijst met ronde bullets zodat u de correcte stijl kunt toepassen als een lijst maakt.


Het venster Stijlen en opmaakHet venster Stijlen en opmaak

Het venster Stijlen en opmaak (Stylist in eerdere versies vanOpenOffice.org) is een handig opmaakhulpmiddel voor het toepassen van stijlen op tekst, alinea's, pagina's, kaders en lijsten. Klik op Opmaak+Stijlen en opmaak om dit venster te openen. OpenOffice.org wordt geleverd met een aantal vooraf gedefinieerde stijlen. U kunt deze stijlen zo gebruiken, maar ze ook wijzigen of nieuwe stijlen maken.

[Tip]Tip

Standaard is het venster Stijlen en opmaak zwevend. Dat betekent dat u dit venster op een willekeurige plaats op het scherm kunt neerzetten. Als u vaak met stijlen werkt, vindt u het misschien handig om het venster op een vaste plaats in de Writer-interface te vergrendelen. Als u het venster Stijlen en opmaak wilt vergrendelen ("dokken"), drukt u op de Ctrl-toets terwijl u dubbelklikt in een grijs gebied van het venster. Deze methode werkt ook voor een aantal andere vensters in OpenOffice.org zoals de Navigator.

Een stijl toepassenEen stijl toepassen

Als u een stijl wilt toepassen, selecteert u het element waarop u de stijl wilt toepassen en dubbelklikt u op de stijl in het venster Stijlen en opmaak. Als u bijvoorbeeld een stijl op een alinea wilt toepassen, plaatst u de cursor op een willekeurige plaats in die alinea en dubbelklikt u op de gewenste stijl.

Het gebruik van stijlen versus opmaakknoppen en menuoptiesHet gebruik van stijlen versus opmaakknoppen en menuopties

Als u stijlen gebruikt in plaats van de opties en de knoppen van het menu Opmaak, zien uw pagina's, alinea's, teksten en lijsten er consistenter uit en kunt u de opmaak eenvoudiger wijzigen. Als u bijvoorbeeld tekst benadrukt door deze te selecteren en op Vet te klikken, maar u later besluit dat u de benadrukte tekst wilt cursiveren, moet u alle vette tekst opzoeken en deze handmatig wijzigen in cursief. Als u een tekenstijl gebruikt, hoeft u alleen maar de stijl te veranderen van vet in cursief en alle tekst die met die stijl is opgemaakt, wordt automatisch gewijzigd van vet in cursief.

Tekst die is opgemaakt met een menuoptie of een knop heeft voorrang op stijlen die u hebt toegepast. Als u de knop Vet gebruikt om de ene tekst op te maken en een stijl voor een andere tekst, en u vervolgens de stijl aanpast, wordt de tekst die u met de knop hebt opgemaakt, niet gewijzigd. Ook niet als u later de stijl toepast op de tekst die u met de knop vet hebt gemaakt. U moet het vet handmatig verwijderen en vervolgens de stijl toepassen.

Als u alinea's handmatig opmaakt met Opmaak+Alinea, kan het ook gebeuren dat de alineaopmaak niet consistent is. Dit is met name het geval als u alinea's knipt en plakt uit andere documenten met een afwijkende opmaak.

Een stijl wijzigenEen stijl wijzigen

Met stijlen kunt u de opmaak in een heel document wijzigen door de stijl te wijzigen. U hoeft dan niet overal waar u de nieuwe opmaak wilt toepassen, afzonderlijk de wijziging toe te passen.

  1. Klik in het venster Stijlen en opmaak met de rechtermuisknop op de stijl die u wilt wijzigen.

  2. Klik op Wijzigen.

  3. Wijzig de instellingen voor de geselecteerde stijl.

    Meer informatie over de beschikbare instellingen vindt u in de online Help bij OpenOffice.org.

  4. Klik op OK.

Een stijl makenEen stijl maken

OpenOffice.org wordt geleverd met een verzameling stijlen die aan de wensen van veel gebruikers zullen voldoen. De meeste gebruikers zullen op een gegeven moment echter een stijl nodig hebben die nog niet bestaat. Een nieuwe stijl maken:

  1. Klik met de rechtermuisknop in een leeg gedeelte van het venster Stijlen en opmaak.

    Zorg dat u in de lijst met stijlen staat van het stijltype dat u wilt maken. Als u bijvoorbeeld een tekenstijl maakt, moet u in de lijst met tekenstijlen staan.

  2. Klik op Nieuw.

  3. Klik op OK.

  4. Geef de stijl een naam en kies de instellingen die u op de stijl wilt toepassen.

    Voor meer details over de stijlopties die op een bepaald tabblad beschikbaar zijn, klikt u op dat tabblad en vervolgens op Help.

Sjablonen gebruiken voor het opmaken van documentenSjablonen gebruiken voor het opmaken van documenten

De meeste gebruikers van tekstverwerkers maken meerdere soorten documenten. U schrijft bijvoorbeeld brieven, memo's en rapporten die er stuk voor stuk anders uitzien en andere stijlen vereisen. Als u voor elk documenttype een sjabloon maakt, zijn de stijlen die u voor elk document nodig hebt, meteen beschikbaar.

Voor het maken van een sjabloon moet u een beetje vooruit plannen. U moet bepalen hoe het document eruit moet komen te zien, zodat u de stijlen kunt maken die in de sjabloon moeten worden opgenomen. U kunt de sjabloon altijd wijzigen, maar een beetje planning kan u later veel tijd besparen.

[Note]Opmerking

U kunt Microsoft Word-sjablonen converteren zoals u dat ook doet met gewone Word-documenten. Zie de paragraaf "Documenten converteren naar de OpenOffice.org-indeling" voor informatie.

Een gedetailleerde uitleg van sjablonen voert te ver voor deze handleiding. U vindt meer informatie in het Help-systeem. Gedetailleerde taakbeschrijvingen zijn beschikbaar op de pagina met OpenOffice.org-documentatie, zie http://documentation.openoffice.org/HOW_TO/index.html.

Een sjabloon makenEen sjabloon maken

Een sjabloon is een tekstdocument dat alleen de stijlen en de inhoud bevat die u in elk document wilt opnemen, zoals de adresgegevens en de aanhef op een brief. Wanneer een document wordt gemaakt of geopend met de sjabloon, worden de stijlen automatisch toegepast op dat document.

Een sjabloon maken:

  1. Klik op Bestand+Nieuw+Tekstdocument.

  2. Maak de stijlen en de inhoud die u wilt opnemen in elk document dat met deze sjabloon werkt.

  3. Klik op Bestand+Sjablonen+Opslaan.

  4. Geef een naam op voor de sjabloon.

  5. Klik in het vak Categorieën op de categorie waarin u de sjabloon wilt plaatsen.

    De categorie is de map waarin de sjabloon wordt opgeslagen.

  6. Klik op OK.

Werken met grote documentenWerken met grote documenten

U kunt met Writer ook grote documenten bewerken. Grote documenten kunnen uit één bestand bestaan of uit een verzameling bestanden die zijn samengevoegd tot één document.

Navigeren in grote documentenNavigeren in grote documenten

Met het hulpmiddel Navigator geeft u informatie weer over de inhoud van een document. Ook kunt u zo snel naar de verschillende onderdelen springen. U kunt de Navigator bijvoorbeeld gebruiken om snel een overzicht weer te geven van alle afbeeldingen in het document.

Klik op Bewerken+Navigator om de Navigator te openen. De elementen die in de Navigator worden vermeld, variëren afhankelijk van het geladen document.

Figuur 3.3. Het hulpmiddel Navigator in Writer

Het hulpmiddel Navigator in Writer

Klik op een item in de Navigator om naar dat item in het document te gaan.

Met een hoofddocument kunt u een enkel document maken van meerdere bestandenMet een hoofddocument kunt u een enkel document maken van meerdere bestanden

Als u met een zeer groot document, zoals een boek, werkt, is het wellicht eenvoudiger het boek te beheren met een hoofddocument dan het boek te bewaren in een enkel bestand. Met een hoofddocument kunt u snel opmaakwijzigingen doorvoeren in een groot document of naar ieder subdocument gaan om het te bewerken.

Een hoofddocument is een Writer-document dat dient als houder voor meerdere Writer-bestanden. U kunt onderhoud plegen aan hoofdstukken of andere subdocumenten als afzonderlijke documenten in het hoofddocument. Hoofddocumenten zijn ook handig als meerdere personen aan een document werken. U kunt het gedeelte voor elke persoon in een subdocument van het hoofddocument afscheiden. Meerdere schrijvers kunnen zo tegelijkertijd aan hun subdocumenten werken zonder dat ze bang hoeven te zijn dat ze elkaars werk overschrijven.

[Note]Opmerking

Als u gewend bent te werken met Microsoft Word, vindt u het idee van hoofddocumenten misschien niet zo aantrekkelijk omdat deze voorziening in Word de reputatie heeft van het beschadigen van documenten. Dit probleem bestaat niet in OpenOffice.org Writer. U kunt dus veilig gebruikmaken van hoofddocumenten om uw projecten te beheren.

Een hoofddocument maken:

  1. Klik op Nieuw+Hoofddocument.

    of

    Open een bestaand document en klik op Bestand+Verzenden+Hoofddocument maken.

  2. Voeg subdocumenten toe.

  3. Klik op Bestand Opslaan.

De OpenOffice.org Help-bestanden bevatten uitgebreidere informatie over het werken met hoofddocumenten. Zoek naar het onderwerp met de titel Hoofddocumenten en subdocumenten gebruiken.

[Tip]Tip

De stijlen van alle subdocumenten worden geïmporteerd in het hoofddocument. Om ervoor te zorgen dat de opmaak in het hele hoofddocument consistent is, moet u dezelfde sjabloon gebruiken voor alle subdocumenten. Dit is niet verplicht; maar als subdocumenten een verschillende opmaak hebben, moet u wellicht opnieuw opmaken om de subdocumenten met succes onder te brengen in het hoofddocument, zonder inconsistenties te veroorzaken. Als u bijvoorbeeld twee documenten hebt geïmporteerd in het hoofddocument die verschillende stijlen hebben met dezelfde naam, dan zal het hoofddocument de opmaak gebruiken die is opgegeven voor de stijl van het eerste document dat u importeert.

Writer als HTML-editor gebruikenWriter als HTML-editor gebruiken

Behalve als volwaardig tekstverwerkingsprogramma kunt u Writer ook gebruiken als HTML-editor. Writer bevat HTML-tags die kunnen worden toegepast zoals een willekeurige andere stijl in een Writer-document. U kunt het document weergeven zoals het er online zal uitzien en u kunt de HTML-code rechtstreeks bewerken.

Een HTML-document makenEen HTML-document maken

  1. Klik op Bestand+Nieuw+HTML-document.

  2. Klik op de pijl onder aan het venster Stijlen en opmaak.

  3. Selecteer HTML-stijlen.

  4. Maak het HTML-document en gebruik stijlen om tags aan de tekst toe te voegen.

  5. Klik op Bestand+Opslaan als.

  6. Selecteer de locatie waar u het bestand wilt opslaan, geef het bestand een naam en selecteer HTML-document (.html) uit de lijst Filter.

  7. Klik op OK.

Als u de HTML-code rechtstreeks wilt bewerken of als u de HTML-code wilt weergeven die is gemaakt bij het bewerken van het HTML-bestand als Writer-document, klikt u op Beeld+HTML-bron. In de modus HTML-bron is de lijst Opmaak en stijlen niet beschikbaar.

[Note]Opmerking

De eerste keer dat u naar de modus HTML-bron schakelt, wordt u gevraagd het bestand op te slaan als HTML, als u dat niet al hebt gedaan.


SUSE Linux Enterprise Desktop GNOME Gebruikershandleiding 10 SP2