Netwerkverbindingen beherenNetwerkverbindingen beheren

Inhoud

11.1. NetworkManager in- of uitschakelen
11.2. NetworkManager en SCPM
11.3. De GNOME NetworkManager-applet gebruiken
11.4. NetworkManager en beveiliging

Als u wilt surfen op internet of e-mailberichten wilt verzenden of ontvangen, configureert u eerst een internetverbinding met YaST. Afhankelijk van uw omgeving selecteert u in YaST of u NetworkManager wilt gebruiken. In GNOME kunt u internetverbindingen tot stand brengen met NetworkManager of ifup.

Voor een lijst met criteria om te bepalen of u NetworkManager wilt gebruiken, gaat u naar Sectie 30.5, Managing Network Connections with NetworkManager, en Sectie 25.1.2, Integration in Changing Operating Environments, in de SUSE Linux Enterprise Desktop Deployment Guide.

NetworkManager in- of uitschakelenNetworkManager in- of uitschakelen

  1. Klik in YaST op Netwerkapparaten+Netwerkkaart.

  2. Als u NetworkManager wilt inschakelen, selecteert u Gebruikergecontroleerd met NetworkManager.

    Als u NetworkManager wilt uitschakelen, selecteert u Traditionele methode met ifup.

  3. Klik op Volgende.

  4. Stel de netwerkkaart in op automatische configuratie via DHCP of op een statisch IP-adres. Voor meer informatie over netwerkconfiguratie met YaST raadpleegt u de desbetreffende sectie in Basic Networking in de SUSE Linux Enterprise Desktop Deployment Guide.

  5. Klik op Voltooien om het venster Netwerkkaart configuratie overzicht te sluiten.

Als u een inbelverbinding wilt gebruiken, configureert u de modem in Netwerkapparaten+Modem. Als u een intern of USB ISDN-modem wilt configureren, selecteert u Netwerkapparaten+ISDN. Als u een intern of USB DSL-modem wilt configureren, selecteert u Netwerkapparaten+DSL.

[Note]Configuratie van WLAN-kaarten

Configureer de ondersteunde draadloze kaarten rechtstreeks in NetworkManager.


SUSE Linux Enterprise Desktop GNOME Gebruikershandleiding 10 SP2