Zoals bij andere gebruikelijke bureaubladproducten, worden de belangrijkste componenten van het GNOME-bureaublad gevormd door pictogrammen die zijn gekoppeld aan bestanden, mappen of programma's, en door het venster onder aan het scherm (vergelijkbaar met de Taakbalk in Windows). Dubbelklik op een pictogram om het daaraan gekoppelde programma te starten. Klik met de rechtermuisknop op een pictogram om toegang te krijgen tot aanvullende menu's en opties. U kunt ook met de rechtermuisknop klikken op een willekeurige plek op het bureaublad om aanvullende menu's te openen voor het configureren of beheren van het bureaublad zelf.
Standaard heeft het bureaublad twee belangrijke pictogrammen: uw eigen startmap en een Prullenbak voor verwijderde items. Andere pictogrammen die apparaten op de computer aanduiden, zoals cd-stations, kunnen ook op het bureaublad aanwezig zijn. Als u dubbelklikt op uw Startmap, wordt Nautilus-bestandsbeheer geopend en de inhoud van uw startmap weergegeven. Kijk voor meer informatie over het gebruik van Nautilus bij de paragraaf "Mappen en bestanden beheren met Nautilus".
Als u met de rechtermuisknop klikt op een pictogram, wordt een menu weergegeven met bestandsbewerkingen, zoals kopiëren, knippen of naam wijzigen. Als u in het menu selecteert, wordt een dialoogvenster voor configureren weergegeven. U kunt de naam van een pictogram en het pictogram zelf wijzigen met . Met het tabblad kunt u grafische beschrijvende symbolen aan het pictogram toevoegen. Met het tabblad kunt u machtigingen voor de geselecteerde bestanden instellen. Met het tabblad kunt u commentaren beheren. Het menu voor de Prullenbak kan ook de optie bevatten waarmee de inhoud wordt verwijderd.
Een koppeling is een speciaal type bestand dat verwijst naar een ander bestand of een andere map. Wanneer u een bewerking op een koppeling uitvoert, wordt de bewerking uitgevoerd op het bestand of de map waarnaar de koppeling verwijst. Wanneer u een koppeling verwijdert, verwijdert u alleen het koppelingsbestand, niet het bestand waarnaar de koppeling verwijst.
Als u een koppeling op het bureaublad wilt maken naar een map of een bestand, klikt u in met de rechtermuisknop op het object en klikt u vervolgens op . Sleep de koppeling uit naar het bureaublad.
Als u een pictogram wilt verwijderen van het bureaublad, sleept u dit naar de Prullenbak. Wees echter voorzichtig met deze optie: als u map- of bestandspictogrammen naar de Prullenbak verplaatst, worden de werkelijke gegevens verwijderd. Als de pictogrammen alleen koppelingen aanduiden naar een bestand of een map, worden alleen de koppelingen verwijderd.
![]() | Opmerking |
|---|---|
U kunt het pictogram niet naar de Prullenbak verplaatsen. | |
Door met de rechtermuisknop te klikken op een lege plek op het bureaublad wordt een menu weergegeven met verschillende opties. Klik op als u een nieuwe map wilt maken. Maak met een startpictogram voor een toepassing. Geef de naam van de toepassing en de opdracht om deze te starten op, en selecteer vervolgens een pictogram om de toepassing aan te duiden. U kunt ook de bureaubladachtergrond wijzigen en bureaubladpictogrammen uitlijnen.
Onder aan het scherm van het bureaublad ziet u een venster. Dit venster bevat het menu Computer (vergelijkbaar met het menu Start in Windows) en de pictogrammen van alle toepassingen die op dat moment zijn geopend. U kunt ook toepassingen en applets aan het venster toevoegen zodat deze makkelijk toegankelijk zijn. Als u op de naam van een programma klikt in de taakbalk, wordt het programmavenster naar de voorgrond verplaatst. Een programma dat al op de voorgrond staat, kan met een muisklik worden geminimaliseerd. Door te klikken op een geminimaliseerde toepassing wordt het betreffende venster weer geopend.
Het pictogram staat aan de rechterkant in het onderste venster. Met dit pictogram minimaliseert u alle programmavensters en geeft u het bureaublad weer. Of, indien alle vensters al zijn geminimaliseerd, worden deze weer geopend.
Als u met de rechtermuisknop klikt op een lege plek in het venster, wordt een menu geopend met de opties uit de volgende tabel:
Tabel 1.1. Opties venstermenu
U kunt toepassingen en applets die u snel wilt openen, toevoegen aan het onderste venster. Een applet is een klein programma, terwijl een toepassing gewoonlijk een groter zelfstandig programma is. Als u een applet toevoegt, hebt u snel toegang tot handige hulpprogramma's.
Het GNOME-bureaublad is voorzien van een groot aantal applets. Klik voor een complete lijst met de rechtermuisknop op het onderste venster en selecteer .
Hieronder volgen enkele handige applets:
Tabel 1.2. Enkele handige applets