Uw bureaublad aanpassenUw bureaublad aanpassen

U kunt het uiterlijk en gedrag van uw KDE-bureaublad aanpassen aan uw persoonlijke smaak en behoeften.

Afzonderlijke bureaublad-elementen wijzigenAfzonderlijke bureaublad-elementen wijzigen

Hierna volgen enkele voorbeelden van de manier waarop afzonderlijke bureaublad-elementen kunnen worden gewijzigd.

Procedure 1. Programmapictogrammen aan uw bureaublad toevoegen

Ga als volgt te werk om een koppeling naar een toepassing te maken en op het bureaublad te plaatsen:

  1. Klik op de knop voor het hoofdmenu.

  2. Blader naar het gewenste programma.

  3. Klik met de linkermuisknop op het menu-item, sleep het naar het bureaublad en laat de muisknop los.

  4. Selecteer Hier koppelen in het contextmenu en zet het pictogram op de gewenste plek.

Om een pictogram van uw bureaublad te verwijderen, klikt u met de rechtermuisknop op het programmapictogram en selecteert u de optie Naar prullenbak verplaatsen.

Procedure 2. Het KDE-deelvenster aanpassen

U kunt het KDE-deelvenster naar wens aanpassen door pictogrammen toe te voegen, te verwijderen of te verplaatsen of door het algemene uiterlijk van het venster te wijzigen.

  1. Om pictogrammen aan het deelvenster toe te voegen of eruit te verwijderen, klikt u met de rechtermuisknop op een leeg gedeelte in het deelvenster. Een contextmenu verschijnt.

  2. Om een toepassing toe te voegen, klikt u op Toepassing aan venster toevoegen en selecteert u de gewenste toepassing uit een van de categorieën in het submenu.

  3. Om een applet (mini-programma) toe te voegen, klikt u op Applet aan venster toevoegen en selecteert u de gewenste applet in het dialoogvenster. Klik op Aan venster toevoegen om de applet in te voegen in het venster.

  4. Om pictogrammen uit het venster te verwijderen, selecteert u Uit venster verwijderen+Toepassingen of Uit venster verwijderen+Applet en selecteert u het pictogram dat u wilt verwijderen.

  5. Om het uiterlijk of gedrag van het venster te wijzigen, selecteert u Venster configureren in het contextmenu. Er verschijnt een configuratiedialoog waarin u meer instellingen kunt aanpassen.

Procedure 3. Achtergrondinstellingen voor bureaublad wijzigen

U kunt de achtergrondkleuren van het bureaublad wijzigen of een afbeelding selecteren als achtergrond. KDE biedt virtuele bureaubladen (zie de paragraaf "Virtuele bureaubladen gebruiken"), dus u kunt deze wijzigingen toepassen op een of al uw virtuele bureaubladen.

  1. Klik met de rechtermuisknop op een leeg gedeelte van het bureaublad en selecteer Bureaublad configureren. Er verschijnt een configuratiedialoog.

  2. Selecteer in Instellingen voor bureaublad de virtuele bureaubladen waarop de wijzigingen moeten worden toegepast.

  3. Als u een andere afbeelding als achtergrond wilt gebruiken, klikt u op Afbeelding en selecteert u een van de afbeeldingen in de lijst. Als u een andere afbeelding wilt gebruiken, klikt u op de mapknop onder de lijst en selecteert u een afbeeldingsbestand in het bestandssysteem.

  4. Klik op Diavoorstelling als u meerdere afbeeldingen in een diavoorstelling wilt bekijken.

  5. Als u geen afbeelding als achtergrond wilt, klikt u op Geen afbeelding.

  6. Klik in de groep Opties op de linkerknop onder Kleuren om de achtergrondkleur te selecteren. Als u een achtergrond met meerdere kleuren wilt, stelt u Kleuren in op een andere optie dan Eén kleur en klikt u op de rechterknop onderin om een tweede kleur te selecteren.

  7. Klik op Toepassen en OK om de configuratiedialoog te sluiten.

Het KDE-besturingscentrumHet KDE-besturingscentrum

U kunt met KDE niet alleen afzonderlijke elementen van bureaubladen wijzigen, maar het bureaublad ook tot op grote hoogte personaliseren. In het KDE-besturingscentrum vindt u meer instellingen om uiterlijk en gedrag van het bureaublad aan te passen. U kunt er ook lettertypen wijzigen, alsmede de toetsenbord- en muisconfiguratie, regionale en taalinstellingen, parameters voor uw internet- en netwerkgebruik en meer.

U start het besturingscentrum op vanuit het hoofdmenu door Persoonlijke instellingen te selecteren of op Alt-F2 te drukken en kcontrol in te voeren.

In de zijbalk vindt u diverse categorieën met elk een reeks instellingen. Om een indruk van de talloze mogelijkheden te krijgen, klikt u op het pictogram van een categorie en bekijkt u de aangeboden mogelijkheden.

Voor een overzicht van alle categorieën schakelt u over naar een boomstructuurweergave. Wijzig de weergave door Weergave+Modus+Boomstructuurweergave te selecteren.

Als u op een item klikt, worden rechts de bijbehorende instellingen getoond. Wijzig de instellingen naar wens. Wijzigingen worden pas van kracht als u op Toepassen klikt. Als u alle items op de pagina naar de standaardwaarden wilt terugzetten, klikt u op Standaard. In sommige gebieden van het besturingscentrum zijn systeembeheerdersmachtigingen (ook bekend als root) nodig om taken uit te voeren.