U kunt het uiterlijk en gedrag van uw KDE-bureaublad aanpassen aan uw persoonlijke smaak en behoeften.
Hierna volgen enkele voorbeelden van de manier waarop afzonderlijke bureaublad-elementen kunnen worden gewijzigd.
Procedure 1. Programmapictogrammen aan uw bureaublad toevoegen
Ga als volgt te werk om een koppeling naar een toepassing te maken en op het bureaublad te plaatsen:
Klik op de knop voor het hoofdmenu.
Blader naar het gewenste programma.
Klik met de linkermuisknop op het menu-item, sleep het naar het bureaublad en laat de muisknop los.
Selecteer in het contextmenu en zet het pictogram op de gewenste plek.
Om een pictogram van uw bureaublad te verwijderen, klikt u met de rechtermuisknop op het programmapictogram en selecteert u de optie .
Procedure 2. Het KDE-deelvenster aanpassen
U kunt het KDE-deelvenster naar wens aanpassen door pictogrammen toe te voegen, te verwijderen of te verplaatsen of door het algemene uiterlijk van het venster te wijzigen.
Om pictogrammen aan het deelvenster toe te voegen of eruit te verwijderen, klikt u met de rechtermuisknop op een leeg gedeelte in het deelvenster. Een contextmenu verschijnt.
Om een toepassing toe te voegen, klikt u op en selecteert u de gewenste toepassing uit een van de categorieën in het submenu.
Om een applet (mini-programma) toe te voegen, klikt u op en selecteert u de gewenste applet in het dialoogvenster. Klik op om de applet in te voegen in het venster.
Om pictogrammen uit het venster te verwijderen, selecteert u + of + en selecteert u het pictogram dat u wilt verwijderen.
Om het uiterlijk of gedrag van het venster te wijzigen, selecteert u in het contextmenu. Er verschijnt een configuratiedialoog waarin u meer instellingen kunt aanpassen.
Procedure 3. Achtergrondinstellingen voor bureaublad wijzigen
U kunt de achtergrondkleuren van het bureaublad wijzigen of een afbeelding selecteren als achtergrond. KDE biedt virtuele bureaubladen (zie de paragraaf "Virtuele bureaubladen gebruiken"), dus u kunt deze wijzigingen toepassen op een of al uw virtuele bureaubladen.
Klik met de rechtermuisknop op een leeg gedeelte van het bureaublad en selecteer . Er verschijnt een configuratiedialoog.
![]() |
Selecteer in de virtuele bureaubladen waarop de wijzigingen moeten worden toegepast.
Als u een andere afbeelding als achtergrond wilt gebruiken, klikt u op en selecteert u een van de afbeeldingen in de lijst. Als u een andere afbeelding wilt gebruiken, klikt u op de mapknop onder de lijst en selecteert u een afbeeldingsbestand in het bestandssysteem.
Klik op als u meerdere afbeeldingen in een diavoorstelling wilt bekijken.
Als u geen afbeelding als achtergrond wilt, klikt u op .
Klik in de groep op de linkerknop onder om de achtergrondkleur te selecteren. Als u een achtergrond met meerdere kleuren wilt, stelt u in op een andere optie dan en klikt u op de rechterknop onderin om een tweede kleur te selecteren.
Klik op en om de configuratiedialoog te sluiten.
U kunt met KDE niet alleen afzonderlijke elementen van bureaubladen wijzigen, maar het bureaublad ook tot op grote hoogte personaliseren. In het KDE-besturingscentrum vindt u meer instellingen om uiterlijk en gedrag van het bureaublad aan te passen. U kunt er ook lettertypen wijzigen, alsmede de toetsenbord- en muisconfiguratie, regionale en taalinstellingen, parameters voor uw internet- en netwerkgebruik en meer.
U start het besturingscentrum op vanuit het hoofdmenu door te selecteren of op Alt-F2 te drukken en kcontrol in te voeren.
![]() |
In de zijbalk vindt u diverse categorieën met elk een reeks instellingen. Om een indruk van de talloze mogelijkheden te krijgen, klikt u op het pictogram van een categorie en bekijkt u de aangeboden mogelijkheden.
Voor een overzicht van alle categorieën schakelt u over naar een boomstructuurweergave. Wijzig de weergave door ++ te selecteren.
Als u op een item klikt, worden rechts de bijbehorende instellingen getoond. Wijzig de instellingen naar wens. Wijzigingen worden pas van kracht als u op klikt. Als u alle items op de pagina naar de standaardwaarden wilt terugzetten, klikt u op . In sommige gebieden van het besturingscentrum zijn systeembeheerdersmachtigingen (ook bekend als root) nodig om taken uit te voeren.