Printers beherenPrinters beheren

Inhoud

12.1. Een printer installeren
12.2. Printerinstellingen wijzigen
12.3. Een printer verwijderen
12.4. Afdruktaken in KDE starten
12.5. Afdruktaken in KDE bewaken

Printers kunnen op uw lokale systeem worden aangesloten of in een netwerk worden opgenomen. Er zijn verschillende manier waarop een printer in SUSE Linux Enterprise® kan worden ingesteld: met YaST, met KDE-afdrukbeheer op via de opdrachtregel. In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u printers kunt instellen met KDE-afdrukbeheer Nadat de printer goed is geconfigureerd, kan deze door iedere toepassing worden aangeroepen.

Voor informatie over het beheren van printers met iPrint® gaat u naar de gebruikershandleiding van iPrint op http://www.novell.com/documentation/sled10/.

[Note]Problemen oplossen

Neem contact op met de systeembeheerder als u bij het configureren van een printer problemen ondervindt. Uitgebreide informatie over het configureren van printers voor beheerders is te vinden in Hoofdstuk Printer Operation (↑Deployment Guide).

Een printer installerenEen printer installeren

Om een printer te kunnen installeren, moet u het root-wachtwoord en uw printergegevens bij de hand houden. Afhankelijk van de verbinding met de printer moet u mogelijk ook de URI, het TCP/IP-adres, de TCP/IP-host en het stuurprogramma voor de printer weten. Een aantal bekende printerstuurprogramma's wordt meegeleverd met SLED. Raadpleeg de website van de fabrikant als u voor een bepaalde printer geen stuurprogramma kunt vinden.

Om een printer in KDE in te stellen, start u Afdrukbeheer vanuit het hoofdmenu (Extra+Afdrukken+Afdrukbeheer). U kunt ook op Alt-F2 drukken en kcontrol indrukken. Klik op de linkernavigatiebalk van het KDE-besturingscentrum op Randapparatuur+Printers.

Figuur 12.1. Afdrukbeheer

Afdrukbeheer

Als root kunt u een printer instellen met behulp van een wizard. Deze werkt als volgt. Als u twijfelt welke optie u moet kiezen en welke gegevens u moet invoeren, kunt u contact opnemen met de systeembeheerder.

Zie de paragraaf "Een Windows-netwerkprinter configureren en openen" voor uitgebreide informatie over het aanroepen en configureren van een Windows-netwerkprinter.

  1. Klik op Administrator Mode (Beheerdermodus) en voer het root-wachtwoord in.

  2. Klik op Toevoegen en selecteer Printer/klasse toevoegen. De Assistent printer toevoegen wordt geopend.

  3. Klik op Volgende.

  4. Selecteer het type verbinding voor deze printer. U kunt kiezen uit de volgende opties:

    • Lokale printer (parallel, serieel, USB): een printer die op uw eigen werkstation is aangesloten via een parallelle, seriële of USB-verbinding.

    • LPD-wachtrij op afstand: een printer die op een ander UNIX- of Linux-systeem is aangesloten en kan worden aangeroepen via een TCP/IP-netwerk (bijvoorbeeld een printer die aan een ander Linux-systeem in uw netwerk is gekoppeld).

    • SMB-gedeelde printer (Windows): een printer die op een ander systeem is aangesloten waarop de printer wordt gedeeld via een SMB-netwerk (bijvoorbeeld een printer die aan een Microsoft Windows-computer is gekoppeld).

    • Netwerkprinter (TCP): een printer die op een netwerk met het TCP-protocol is aangesloten.

    • CUPS op afstand (IPP/HTTP): een printer die op een ander Linux-systeem op hetzelfde netwerk is aangesloten waarop CUPS wordt uitgevoerd of een printer die op een ander besturingssysteem met IPP is geconfigureerd.

    • Netwerkprinter met IPP (IPP/HTTP): een printer die is aangesloten op een netwerk met IPP/HTTP-protocol.

    • Ander printertype: kies deze optie als uw printer niet in een van de andere klassen valt.

    • Printerklasse: kies deze optie als u printers van een bepaalde klasse wilt zoeken.

  5. Klik op Volgende en voer de gevraagde informatie in. Klik in de laatste dialoog van de wizard op Voltooien. De wizard wordt gesloten.

  6. Klik OK om de dialoog Afdrukbeheer te sluiten.

Als u vanuit een KDE-toepassing wilt afdrukken, kunt u nu de printer selecteren in de KPrinter-dialoog en een afdruktaak starten. Zie de paragraaf "Afdruktaken in KDE starten" voor meer informatie over het verzenden en bewaken van afdruktaken in KDE.