Aan de slagAan de slag

Hoewel GIMP enigszins ingewikkeld zal lijken voor nieuwe gebruikers, zullen de meeste gebruikers er snel mee aan de slag kunnen als een paar basisprincipes duidelijk zijn. Belangrijke basisfuncties zijn het maken, openen en opslaan van afbeeldingen.

Een nieuwe afbeelding makenEen nieuwe afbeelding maken

Selecteer Bestand+Nieuw of druk op Ctrl-N om een nieuw bestand te maken. Er wordt een dialoogvenster weergegeven waarin u instellingen kunt opgeven voor de nieuwe afbeelding. Selecteer indien gewenst een vooraf gedefinieerde instelling in de vorm van een sjabloon. Als u een aangepaste sjabloon maakt, selecteert u Bestand+ Dialogen+Sjablonen en gebruikt u de instellingen in het venster dat wordt geopend.

In het gedeelte Afbeeldingsgrootte geeft u de afmetingen voor de afbeelding op in pixels of een andere eenheid. Klik op de eenheid om een andere eenheid te selecteren in de lijst met beschikbare eenheden. De verhouding tussen pixels en de geselecteerde eenheid stelt u in bij Resolutie. Open het gedeelte Geavanceerde opties om de resolutie in te stellen. Een resolutie van 72 pixels per inch komt overeen met een normale schermweergave. Dit is voldoende voor webafbeeldingen. Gebruik een hogere resolutie als u afbeeldingen wilt afdrukken. Bij de meeste printers levert een resolutie van 300 pixels per inch een acceptabele kwaliteit op.

Bij Kleurtype selecteert u of de afbeelding in kleur (RGB) of in Grijswaarden wilt maken. Zie de paragraaf "Afbeeldingsmodi" voor meer bijzonderheden over afbeeldingtypen. Bij Vullen met selecteert u de kleur waarmee de afbeelding wordt gevuld. U kunt kiezen tussen de Voorgrondkleur en Achtergrondkleur die zijn ingesteld in de toolbox, Wit of Transparantie voor een transparante afbeelding. Transparantie wordt weergegeven door een grijs schaakbordpatroon. Voer een opmerking over de nieuwe afbeelding in bij Opmerking.

Wanneer de instellingen voldoen aan uw wensen, klikt u op OK. Als u de standaardinstellingen wilt herstellen, klikt u op Standaardwaarden herstellen. Als u op Annuleren klikt, wordt de nieuwe afbeelding niet opgeslagen.

Een bestaande afbeelding openenEen bestaande afbeelding openen

Selecteer Bestand+Openen of druk op Ctrl-O om een bestaande afbeelding te openen. Selecteer het gewenste bestand in het dialoogvenster dat wordt geopend. U kunt ook op Ctrl-L drukken en het pad van de gewenste afbeelding invoeren. Klik op Openen om de geselecteerde afbeelding te openen of klik op Annuleren om geen afbeelding te openen.

Een afbeelding scannenEen afbeelding scannen

In plaats van een bestaande afbeelding te openen of een nieuwe te maken, kunt u er ook een scannen. Als u rechtstreeks vanuit GIMP wilt scannen, moet u ervoor zorgen dat het pakket xsane is geïnstalleerd. Selecteer Bestand+Importeren+XSane: Device dialog (Apparaatdialoog).

Maak een voorbeeld wanneer het te scannen object kleiner is dan het totale scangebied. Klik op Preview maken in het dialoogvenster Voorvertoning om een voorbeeld te maken. Als u slechts een deel van het gebied wilt scannen, selecteert u het gewenste rechthoekige deel met de muis.

In het dialoogvenster xsane selecteert u of u een binary- (binair - zwart-wit zonder grijswaarden), grayscale- (grijswaarden) of color- (kleuren) afbeelding wilt scannen. Tevens stelt u hier de gewenste scanresolutie in. Hoe hoger de gekozen resolutie, hoe beter de kwaliteit van de gescande afbeelding. Dit leidt echter ook tot een groter bestand en een langer scanproces, in verband met de hogere resolutie. De omvang van de uiteindelijke afbeelding (zowel in pixels als in bytes) wordt weergegeven in het onderste gedeelte van het dialoogvenster.

Gebruik de schuifregelaars in het dialoogvenster xsane om de gewenste waarden in te stellen voor gamma, brightness (helderheid) en contrast. De regelaars worden niet weergegeven in de binaire modus. Wijzigingen worden onmiddellijk weergegeven in het voorbeeld. Nadat u alle instellingen hebt opgegeven, klikt u op Scan om de afbeelding te scannen.

Het afbeeldingsvensterHet afbeeldingsvenster

De nieuwe, geopende of gescande afbeelding verschijnt in een eigen venster. De menubalk boven in het venster biedt toegang tot alle afbeeldingsfuncties. U kunt het menu ook openen door met de rechtermuisknop te klikken op de afbeelding of op de kleine pijlknop links op de linialen.

Met Bestand krijgt u toegang tot de standaard bestandopties, zoals Opslaan en Afdrukken. Met Sluiten sluit u de huidige afbeelding. Met Afsluiten sluit u de hele toepassing.

Met de opties van het menu Beeld bepaalt u de weergave van de afbeelding en van het afbeeldingsvenster. Met Nieuw beeld opent u een tweede venster met de huidige afbeelding. Als u wijzigingen aanbrengt in één weergave, worden deze ook doorgevoerd in alle andere weergaven van die afbeelding. Een extra weergave is handig om een vergroot gedeelte van een afbeelding te bewerken terwijl u de complete afbeelding in een andere weergave ziet. Pas het vergrotingsniveau van het huidige venster aan met Zoomen. Als Naar afbeeldingsgrootte is geselecteerd, worden de afmetingen van het afbeeldingsvenster exact aangepast aan de huidige afbeelding.